|
Armhuis
Schoterland - Nieuw
Friesburg
Bij besluit van de gemeenteraad van Schoterland van 10 dec. 1890 werden mA.v. 1 juli 1891 opgeheven de in de gemeente bestaande burgerlijke of algemene armbesturen te Heerenveen, 't Meer, Beneden Bovenknijpe, Jubbega, Schurega, Hoornsterzwaag, Oude en Nieuwehorne, de Gaast, Rottum, St. Johannesga en Delfstrahuizen. In de plaats daarvan werd opgericht "Het Burgerlijk Armbestuur In Schoterland". Een der voornaamste gedachten hierbij was wel om te komen tot de stichting van een armhuis. Het buiten "Nieuwe Friesburg" te Heerenveen met de twee daarnaast gelegen stukken land kwam te koop. Men aarzelde geen moment tot aankoop over te gaan. De machtiging daartoe werd door G.S. verleend bij besluit van 16 februari 1893, waarbij bepaald werd dat het buiten zou worden Ingericht voor huisvesting en verpleging. De aankoopsom, inclusief de stukken land, bedroeg f 8.899,00. De verbouwing vroeg een investering van f 28.515,00. Het buiten was destijds van George Wolfgang Fransiscus Wentholt en was gesticht In 1872 door Jhr. G. Lyclama a Nyeholt. Rond 1883 werd het buiten verhuurd aan Mr. Tetling, daar de eigenaar zicht te Soest had gevestigd. Op 5 januari kocht het Burgerlijk Armbestuur het gebouw voor f 4.463,15. De aankoop vond plaats ten overstaan van Notaris G. Boschloo, door de heer G.J. Pothaar, vicevoorzitter van het Armbestuur. Op 23 januari 1893 werden nog twee percelen weiland, waarop een watermolen aangekocht voor f 3.303,00. Het Armbestuur, onder voorzitterschap van mr. H. Binnerts, liet toen voor f 25.665,00 een nieuw voorgebouw plaatsen. De verbouwing werd uitgevoerd door de aannemer J Eisinga uit Kortezwaag. Het tehuis kreeg een accommodatie voor 100 verpleegden; het bevatte daartoe 27 zalen. Door de gemeenteraad werd het echtpaar Adolf Rameyer te Nieuwehorne benoemd tot "vader en moeder". In februari 1884 konden de eerste verpleegden worden opgenomen. Gedurende het jaar vermeerderde het aantal tot 60. Het aantal van 100 is echter nooit bereikt. Niet alleen ouden van dagen, ook kinderen en zelfs baby's werden opgenomen. Bij de reorganisatie in 1936 werd echter een einde gemaakt aan de minder gewenste toestand dat jonge kinderen en ouden van dagen bij elkaar vertoefden. Zodoende werden de kinderen verwijderd. Deze werden in gezinnen of gestichten uitbesteed. De opname geschiedde niet altijd gratis;vooral niet wanneer de familie in staat bleek een bijdrage te leveren. In de loop der jaren is er uiterlijk weinig aan het tehuis veranderd. Wel werden er wijzigingen aangebracht aan het Interieur; zo werden er vier kamertjes ingericht voor echtparen. In de eerste 50 jaar, zo staat er in het jubileumboekje (te raadplegen in het museum), hebben 782 personen in het tehuis gewoond. Na het echtpaar Rameyer, kwamen J. Hoekstra, B. Luchtenveld, H. Hoekstra, Mevr. Ronda, terwijl thans Mej. R. de Jong directrice is. Het feit dat velen een hoge leeftijd bereikten met de daarbij behorende lichamelijke en geestelijke gebreken, maakt de verzorging vaak moeilijk het is dan ook een geheel apart wereldje in "Nieuw Friesburg", met een eigen karakter, eigen wensen en behoeften. De bewoners zijn wel eens wat excentriek en er is dan ook tact voor nodig om hier de gewenste leiding te kunnen geven. Nadat in 1938 de plannen tot modernisering (kostenraming f 65.500,00) geen doorgang vonden i.v.m. de oorlog van 1940-1945, werd in 1950 hiertoe wel overgegaan. Er kwamen toen naast een uitbreiding van de keuken, de inrichting van slaapzalen en de aanleg van een CV tot stand, terwijl Mej. Ada Dekker uit Krommenie muurschilderingen aanbracht. 2 Februari 1969 herdacht men het 75 jarig bestaan van het tehuis. Toen werd reeds opgemerkt dat per 1 januari 1971 het tehuis gesloten zou worden op grond van de Wet op de Bejaardencentra. Nadien kreeg het gemeentebestuur ontheffing totdat de bouw van een geheel nieuw verzorgingshuis zou zijn gerealiseerd, hetgeen intussen zijn beslag heeft gevonden. Een aantal verpleegden werd overgeheveld naar "Coornhert State". Negentien bewoners kwamen hiervoor niet in aanmerking aangezien zij nog geen 65 jaar waren. Zij gingen over naar "Blauhùs" (Longstayhome). In 1974 kwam het C.I.O.S. in "Nieuw Friesburg", hetgeen nu de opleiding "M.D.G.O. Friesburg" geworden is. |